Stekene - Kerkstraat

in juli 2011 werd in Stekene een vlakdekkende archeologische opgraving uitgevoerd van 0,35 ha. Aanleiding is de uitbreiding van het woon- en verzorgingscentrum door opdrachtgever OCMW Stekene.

stekene grafcirkelCentraal in het vlak bevonden zich twee circulaire structuren. De buitenste gracht had een diameter van 18,5 m. Uit de bovenste opvullingslagen kon o.a. een scherf met een stafband in Hilversum-traditie worden gerecupereerd. In deze cirkel bevindt zich een kleinere circulaire gracht. Deze is grotendeels verstoord door een brede recente gracht, maar had een vermoedelijke diameter van 8 m. Deze grachten zijn de restanten van een grafheuvel uit de midden bronstijd, waarbij het graflichaam verdwenen is. Mogelijk bevond zich in associatie met dit monument een palenkrans.


vlechtwerkwaterput stekeneIn de zuidelijke helft van het vlak werden bewoningssporen aangesneden, met een bijgebouwenzone, een grote kuil daar middenin en twee waterputten vlakbij gegroepeerd. De vondsten uit de bijgebouwtjes wijzen in de richting van een datering in de late ijzertijd. Een eerste waterput had een ronde  beschoeiing van vlechtwerk. Daarin werd o.a. een handgemaakte randscherf met opgelegde band aangetroffen, die hypothetisch in de overgangsfase midden tot late bronstijd gedateerd kan worden. Bij de tweede waterput was geen beschoeiing meer bewaard. De bovenste opvullingspakketten leverden een sterk gecorrodeerd ijzeren mes op, een fragment van een driehoekig weefgewicht, een cilindervormig voorwerp met doorboring uit zandsteen en handgevormd aardewerk prehistorische techniek. Deze dateren geven de waterput een datering in de vierde tot derde eeuw v.Chr. Tegen de oostelijke sleufwand lag de aanzet van één structuur die doorloopt onder de huidige bebouwing. Eveneens werden enkele geïsoleerde paalsporen en kuiltjes onderzocht verspreid over de oostelijke helft van het vlak.


Momenteel wordt natuurwetenschappelijk onderzoek uitgevoerd op de waterputten en de circulaire grachten, om zo een beter inzicht te verkrijgen in de chronologie van de site, de onderlinge relatie van de sporen en van de evolutie van het landschap op de site gedurende de metaaltijden.